De Midterms, reden voor blijdschap en ergernis.

De uitslagen van de Amerikaanse midterm verkiezingen zijn sensationeel. Nooit eerder werden er op zoveel plekken zoveel vrouwen en minderheden verkozen. En tussen hen heel veel firsts: De eerste zwarte vrouw in het congres, de jongste vrouw, de eerste moslima’s, de eerste Native-Americans, de eerste openlijke homo’s en lesbo’s.

Het is niet overdreven om over een politieke aardverschuiving te spreken. Als je, zoals ik, een hartstochtelijk voorstander bent van meer vrouwen in de politiek is er dus reden genoeg om blij te zijn. Maar naast dat ik blij ben, maak ik me ook boos.

Ik maak me boos om al die politiek commentatoren die heel gemakzuchtig verklaren dat er zoveel vrouwen en minderheden meegedaan hebben omdat ze “tegen Trump zijn”. Ik hoorde Michiel Vos bij Pauw zelfs zeggen dat Trump heel goed voor de vrouwenemancipatie is. Een belachelijke simplificering van de werkelijkheid.

In werkelijkheid is het heel hard werk geweest. Er is een enorme inzet geweest van organisaties die vrouwen en minderheden werven. Organisaties als Emily’s list en Amanda Litman’s Run for Something en vele anderen. Zij hebben actief gezocht naar mensen die eventueel geschikt zouden kunnen zijn maar dat niet zo snel van zichzelf dachten omdat ze niet op de zittende politici lijken. Zij zijn actief benaderd en begeleid. Bijgestaan bij het samenstellen van hun team en het formuleren van hun agenda. Geholpen bewust te worden welke barrières je als vrouw of minderheid tegenkomt en hoe je die overwint. Een netwerk geboden, et cetera.

Ook de verdeeldheid binnen de Democratische partij, waar de politieke commentatoren over spreekt, hangt samen met deze aardverschuiving. Er is een hele nieuwe garde politici opgekomen die zich niet meer aan de regels wil houden van hoe de politiek ‘nu eenmaal’ functioneert. Ze willen niet aan de leiband van belangenorganisaties en lobbygroepen lopen. Ze willen dat de politiek inclusief wordt, voor iedereen, en dus ook voor en door hen. En op hun manier.

Het gevaar van de simplistische verklaringen die ik de afgelopen dagen voorbij heb horen komen, is dat we denken dat je niks hoeft te doen om de politiek weer van iedereen te maken. En dat zou wel eens het failliet van ons politieke systeem betekenen met steeds meer versnippering en steeds krappere meerderheden. Iets waar Wim Kom zich grote zorgen over maakte in zijn gesprek met mij voor mijn boek De Zijkant van de Macht. Kok vreesde de teloorgang van het huidige politieke systeem en de partijpolitiek. ‘De geloofwaardigheid van een systeem – waarin een steeds kleinere meerderheid zijn wil op kan leggen aan een steeds grotere minderheid – kalft af. Als er niks verandert, implodeert het hele systeem. Dat proces is al volop gaande. We moeten naar andere vormen zoeken.’ Hij sprak zijn hoop uit dat vrouwen de drijvende kracht zouden kunnen zijn die op een andere manier politiek kunnen maken.’

En zo is het maar net. We kunnen het ons dus niet veroorloven de gemakzuchtige verklaringen te geloven en te herhalen. De democratie voor iedereen maken is hard werken.